Vertrouwen

Zo’n man als Rijkman Groenink die eigenlijk achter de tralies had moeten zitten, komt weg met al zijn affaires. Hij trekt zich van de kritiek niets aan. Groenink weet zich onaantastbaar. Hij heeft dezelfde uitstraling als Prins Bernhard vlak voor de Lockheed-affaire. Volkomen losgezongen van de samenleving. Ik durf te voorspellen dat Groenink binnen het jaar keihard omvalt.” Dat zei Pim Fortuyn in september 2001 in Elsevier over de arrogante bankier, die zich de voorbije maand schoon zat te praten voor de commissie-De Wit.

Hebt U ze voorbij zien komen, de bankiers die samen de wereldeconomie om zeep hebben geholpen. Heeft U iets gehoord wat leek op een excuus? Nee, nada, niente. Ons deed wat ons moest doen, ons doet nog steeds wat ons moet doen. De arrogantie ten top.

Gelukkig heb ik geen geld. Zo goed als niks, maar toch. Ik vind dat een mens er op moet kunnen vertrouwen dat men met zijn financiële huishouding zorgvuldig omgaat, dat risico’s tot een minimum beperkt moet zijn en dat de bank aan de bel trekt als zaken mis dreigen te gaan.

Toen ik mijn eerste zuurverdiende loontje als schoonmaker verdiend had moest ik het al tiener parkeren bij een bank. In het dorp waren er twee, eigenlijk drie, met de Post meegerekend. De laatste was echter ondergebracht in een winkel waar immer van die kakelende huisvrouwen zich ophielden dus die viel rap af. De andere bank was die waar de boeren plachten te lenen.  Die viel ook af, niet zozeer vanwege de boeren , maar meer omdat de directeur van de instelling naar mijn overtuiging te vaak te lang de café’s in het dorp frequenteerde. Dus bleef er maar een opbergplaats over. De centrale volksspaarbank waar de heer Wille de scepter roerde.

Wille was een brave man die voor hij het bankwezen intrad, werkzaam geweest was bij een coöperatie waar ik als kind wel eens heengezonden werd om vogelzaad te halen. De heer Wille woonde in een gewone huurwoning, had kinderen van mijn leeftijd en was – ongeacht wie er voor zijn balietje verscheen – altijd vriendelijk. Hij straalde vertrouwen uit en meer dan dat; hij was te vertrouwen.

Toen het bankje een keer overvallen werd door een jeugdige onverlaat was het hele dorp (op de boeren na waarschijnlijk) begaan met het lot van de heer Wille.

Ik groeide op, studeerde, ging werken en verhuisde naar de stad van de Vossen. Mijn bankrekening verhuisde mee naar wat destijds de Bondsspaarbank was. Ook hier trof  ik een soortgelijke schatbewaarder als heer Wille, de heer Maas. sr. Alle naamswisselingen van de banken ter spijt; ik zit nog steeds bij de heer Maas  al is het nu junior.

Toch moest ik zeer recentelijk, bij het opstarten van mijn tekstbedrijfje (heeft U nog opdrachten, dan houd ik me aanbevolen) naar een andere bank om een rekening courant te openen. Ik meldde mij netjes aan bij een baliemevrouw, die belde wat in de rondte en liet me vervolgens weten dat er niemand beschikbaar was om een rekening te openen en dat ik over vijf dagen maar ’s terug moest komen.

Ik dacht dat banken moeilijk deden over kredieten, leningen en hypotheken, maar voor het openen van een rekening?!!

Over van Gremberghe

Journalist en internetondernemer. Verslaggever in algemene dienst. Schrijft over Zeeland, Neder- en buitenland. Over wat wel en niet gebeurt, over reizen en soms over gewone mensen. Immer gedreven en oprecht, voor zover daar sprake van kan zijn.
Dit bericht is geplaatst in HIER ; Zeeuws-Vlaamse zaken. Bookmark de permalink.